maandag 28 maart 2016

Ik zal het nooit meer doen

Daar zit je dan. Met je ogen dicht en je mond half open. Je hoofd hangt achterover. Als ik naar je kijk, krijg ik al kramp. Een glazen schot belemmert het nog verder knakken van je nek. 'Kom maar naast me zitten', zei ik net nog tegen je. Je reageerde nauwelijks. Snauwde iets weigerachtigs naar de grond. Vechtend tegen dat wat sterker is dan jij. Wetend dat het je niet zou lukken. Dat je weer zou worden overmand, opgeslokt en straks weer opnieuw moest beginnen. Tegen je zin geteleporteerd in de tijd.

Er stappen mensen in. Ze lopend langs je, draaien zich om. Kijken ernstig naar je. Als het niet zo kut zou zijn, zou ik er om moeten lachen. Want je houdt mensen ongewild voor de gek. Ik kan hun gedachten bijna lezen: 'Issie misschien dood? of ontvoerd? of onwel? moet ik iets doen? de chauffeur waarschuwen? waar is zijn vader of moeder?'

Als mensen zichtbaar 'anders' zijn of doen, kijken omstanders vaak weg. Bij een blind iemand verandert dat, wanen we ons onbespied. Maar als iemand zijn of haar ogen ècht dicht heeft, wordt er gewoon gestaard. Ik neem het niemand kwalijk. Ik zou vast hetzelfde doen. Als ik niet beter wist. Dus maak ik de man die voor me zit maar wijzer. "Hij slaapt gewoon, hoor. Straks wordt hij wel weer wakker." De mensen achter me, die al starend na ons instapten, kunnen ook meeluisteren.  

De man reageert nauwelijks. Kijkt weg. Misschien voelt hij zich betrapt. Hoewel hij nu wèl weet waar die afwezige moeder is. ('Nou ja zeg, laat ze haar kind met geknakte nek en open mond heen en weer schommelen in de bus, waarom gaat ze er niet náást zitten?)

Jou overkomt dit dagelijks. Dit gevecht, de reacties van anderen ('was zeker laat hè, gister?) en het steeds toch weer overmeesterd worden door een onbedwingbare slaap. Je tong die slap wordt als je lol hebt, zodat mensen je niet meer verstaan. Of erger, dat je door je benen zakt. Het is geen ramp. Wel strontvervelend. Onhandig. Gedoe.

Je leert er elke dag beter mee leven. Doet een dutje van te voren ('ik wil straks niet in de winkel in slaap vallen') of kiest een computerspel om de slaap de baas te kunnen. Ook hield je er een spreekbeurt over en ging zelfs al twee keer alleen met de bus, waarbij een medepassagier je moest wekken (wat ie vervolgens niet deed volgens jou). Maar soms wordt het je teveel. Sla je je zelf op je hoofd. Voel je je bestolen van je tijd. Van je plannen. Van je goede humeur.

Dat ik trots ben op hoe je er mee omgaat, wil je niet van me horen. Ook niet dat je bent afgevallen, helemaal op eigen wilskracht. Je slaat toetjes over, biedt weerstand aan verleidingen die er constant zijn, zeker voor jou ('ik heb altíjd honger'). Ik mag het niet hardop zeggen, en er vast ook niet over schrijven.

Maar weet je schat, jouw aandoening is zeldzaam. Novy dacht dat als ik alleen daarover zou schrijven, het vast een hit zou worden. Met veel lezers. Misschien is dat zo. En bekendheid geven aan een zeldzame aandoening, dient ook een hoger doel. Want zelfs de kindersarts sloeg de juiste diagnose van de huisarts destijds in de wind omdat 'narcolepsie nu eenmaal nooit voorkomt bij kinderen'.

Maar jij bent mijn kind. Mijn fantansierijke, wilskrachtige, muzikale, leesgierige, lieve kind.
Jij bent je ziekte niet. Je hèbt het. En dat is al lastig genoeg.

Daarom is dit de laatste keer dat ik er over schrijf.

Beloofd.

zaterdag 19 maart 2016

Mazzeltov, Singer en andere verborgen verhalen

Voor het eerst schaam ik me enigszins. Om met mijn werkkleding nog aan, door mijn tweede huiskamer, de Vismarkt te banjeren. Maar het moet. Ik parkeer mijn klusbus op de Hoge der Aa en been naar de kaasdame. Twee platte stukken belegen wil ik. Om kaasletters van te snijden. Voor mijn vroegere schoolvriend die vandaag gaat trouwen. Bij Jan en Paula haal ik nog snel wat venkel en ren dan terug richting bus. 

In die paar minuten binnenstad zuig ik me vol nieuwe indrukken. Dan vervaagt de haast en doe ik hetzelfde als Adriaan van Dis, Kees van Kooten en Saskia Noort gister in 'Kijken in de ziel ' zeiden. Indrukken opschrijven. Ingevingen noteren. Al zal ik er later zelden iets mee doen. Ook omdat het uitwerken van de krabbels om concentratie vraagt, om afzondering. Om een omgeving zonder zelfs maar de mogelijkheid gestoord te kúnnen worden. Te midden van alle indrukken las ik op de deur van Van de Velde de aankondiging dat hij zou signeren. Helaas precies in het uur dat ik op het stadhuis zou zijn.

Maar die middag, na menig lofzang op de liefde -'je bent niet ván elkaar maar je bent er vóór elkaar- en het scanderen van 'mazzeltov', snelde ik alsnog naar Jelle Brandt Corstius. En ja, hoe gaat dat met een BN-er, waarvan iedereen de naam al kent, dan vergeet je jezelf voor te stellen. Ik knalde er gelijk in 'of hij mijn manuscript nog had gelezen?'  Waarover ik met 'm sprak na afloop van 'De nacht van de geschiedenis' in de tegenovergelegen A-kerk. Waar hij één van de sprekers was.     


Ach ja. Schrijven. Gelezen worden. Het gaat toch om de verhalen. Om het zien. Van de hippiemoeder die voorovergebogen in haar fietskar kijkt. Terwijl gehuil van haar peuter weerkaatst tegen de gevel. Uit haar biotas steekt verlept wortelloof.
Een snelle blik in de winkelruit toont me een glimp van het zusje van mijn Singer, uitgevonden door een immigrant wier ouders vast van muziek hielden. Weerspiegelingen. Verhalen. Ze woekeren aan een boom in mijn hoofd. En wat zou er schuilgaan achter de 'Heren en dameskapper' met een porseleinen pot 'cetaceum' in de hoge etalage? Een etalage die sinds een halve eeuw onaangeroerd lijkt. Op de kade bij de Hoge der Aa zit een marsmannetje voor een schip. Beelden waar niemand op wacht. Woorden waar niemand wat aan heeft. Maar waar ik niet zonder kan.

Het was een mooie bruiloft.
Op de receptie luisterde ik naar verhalen van nazaten.
Tweede wereldoorlog, arbeidseinsatz, Hamburg, vrouwen, Groningen.
In de gang hing een foto van een verwoest huis in de Oekraïne.

Jelle gaf me een handtekening.
Ik had inmiddels andere kleren aan. Een jurk.
Gekregen van een nakomeling van Indianen. Tevens kind van gelukszoekers uit Ierland, Italië en Nederland. Mijn volgende boek gaat over haar.

zondag 13 maart 2016

Het mag wel in de krant

Het filmfestival in Assen sloeg ik dit weekend over. Ook Borgen van het NNT, naar de gelijknamige Deense tv-serie, heb ik gemist. In de krant stond naast hoofdrolspeelster Malou Gorter ook een artikel over een andere, mij eveneens bekende creatieveling, Remko Wind. En op de school van mijn kinderen loopt er naast toneel- en muziektalent ook een schrijver rond. Bronja Prazdny om precies te zijn. Van wie onlangs haar tweede boek 'Verloren taal' uitkwam.

Graag was ik vrijdag met haar meegegaan naar Amsterdam. Maar helaas schopte ik het niet tot een toegangskaartje voor het boekenbal. Het was al een hele eer om bij de beste vijftig van de NPO verhalenwedstrijd te komen. En mijn inzending over verkrachtingen, vluchtelingen met ook nog Keulen er in verwerkt, was wel op het randje.

De boekenweek is begonnen, het schrijfseizoen is voorbij. Gelukkig stroomt mijn agenda weer vol. Met opdrachten voor sloopwerk en badkamers. En terwijl ik bezig was om met een oorverdovend lawaai een pizzeria te ontmantelen, werd ik gebeld. Door een columniste. Zo'n echte. Die ik zaterdag vaak lees in de papieren krant. Ze sprak een boodschap in op een al even archaïsch medium: 'de voicemail'.

Toen ik Trouw terug belde stelde ik me voor met 'Lehti Paul'. Maar dat bleek nou net het punt. Monic Slingerland was er achtergekomen dat dit een pseudoniem was. Hoewel Paul evengoed mijn familienaam is als de naam in mijn paspoort. Maar woensdag kwam ik dus onder mijn eigen naam in de krant. Helaas werd daardoor niemand hierheen gelokt.


Zo'n papieren krant wordt wel grondiger gelezen dan ik dacht. Er volgden mails met reacties van familie uit Amersfoort en Amsterdam. En smsjes van klanten. De brief over woningnood leverde me zelfs schilderwerk op! Best handig. Of, om met Bronja te spreken: 'Je hebt toch niks te verbergen?'








Of ik dit weekend nog wat cultureels deed?
Jazeker. Op een motor door het Drentse land racen. Smeltende taartjes snoepen in de voorjaarszon. En daarna een gedicht van Vasalis voorlezen.
Aan mijn lief. Met mijn lief.
Daar kan geen film aan tippen.

maandag 7 maart 2016

Vrouwelijke kostbaarheden in Drenthe

Morgen is het weer zover. Dan is het ruim een eeuw geleden dat in New York... 
of nee... dan is het bijna een eeuw geleden dat in Sint Petersburg....
...allemachtig, moet er nu ook al worden gewedijverd over wie de vrouwendag bedacht? Was het een demonstratie tegen de slechte arbeidsomstandigheden in de textielindustrie of had het toch te maken met de aanloop naar de Russische revolutie?

Nou ja. Emancipatie dus. Feminisme. Vrouwen. Die gemeen hebben dat hun maagdelijkheid in de meeste delen van de wereld als hun kostbaarste, zo niet enige bezit wordt gezien. Dat je weggeeft als je trouwt. Ditzelfde bezit geldt tevens als kostbaarste (en enige waardevolle) beloning voor de man. Dus wie trots pronkt met juwelen, is zelf schuldig aan diefstal. Een scheve -of zichtbare- haar kan eenvoudig worden uitgelegd als het geven van aanleiding tot geslachtelijk verkeer. En mocht een kerel zich niet kunnen beheersen, en een verkrachting leidt dan tot conceptie, dan hoort het kind ter wereld te komen. Omdat de vrouw, ondanks het bestolen worden van haar maagdelijkheid,  die andere heiligheid, van het leven, dient te eerbiedigen.
 
Iets van vroeger? Wellicht. Maar toch niet zo heel erg vroeger. Zo hoorde ik oud Tweede Kamerlid en Oud Dolle Mina mevrouw Hillie Molenaar op de radio vertellen. Over hoe dat in Nederland ging. Bij ongewenste zwangerschappen. Toen abortus nog verboden was. Zodat vrouwen vaak zelf gingen aanklooien. Dat je alleen aan de pil mocht met toestemming van ouders en dat afstand doen van je kind geen uitzondering was. Seks voor het huwelijk, dat hoorde niet. Dolle Mina hield lezingen door het land. Aan -mannelijke- studenten geneeskunde. Er was nog een wereld te winnen.

Hun slogan 'Baas in eigen buik' is inmiddels gemeengoed bij de huisarts. Maar sommige Christelijke partijen stelden op afgelopen schrikkeldag toch kritische vragen aan minister van Rijn aangaande tienerzwangerschappen. Of de nadelen van het afbreken van een zwangerschap wel voldoende werden belicht en zo.
 
Het festival wordt geopend met de voorpremière As I Open My Eyes, een indrukwekkend, muzikaal drama van debuterend filmmaker Leyla Bouzid waarin de coming-of-age van de rebelse tiener Farah wordt gevolgd vlak voor het uitbreken van de Jasmijn-revolutie in Tunesië. Andere voorpremières zijn het oorlogsdrama Les innocentes (door Coco avant Chanel-regisseur Anne Fontaine), de sensuele coming-of-age film Bang Gang (A Modern Love Story) en het spannende vluchtelingendrama Dukhtar. Ook worden er diverse internationale titels vertoond, waaronder de winnaar van de IFFR Bright Future Award Las lindas van Melisa Liebenthal en de absurdistische zwarte komedie Body van Małgorzata Szumowska, winnaar van de Zilveren Beer voor beste regisseur op het filmfestival van Berlijn. - See more at: http://www.hetgezinsblad.nl/nieuws/45217/programma-internationaal-filmfestival-assen-l-vrouw-film/#sthash.l0Cdghbi.dpuf
Er is nog steeds veel te winnen. Ook bij ons om de hoek worden vrouwen opgesloten en gedwongen om juist datgene met mannen te doen wat hun door diezelfde mannen zo nadrukkelijk wordt verboden. Vóór het huwelijk. Tijdens een huwelijk. Ook in Rotterdam. Waar onlangs een jonge vrouw werd gewurgd en daarna begraven in Drenthe. Hij kreeg tien jaar cel. In Istanbul maakt de staat zich zelf schuldig aan inperking van vrijheden. Demonstrerende vrouwen werden er afgelopen weekend met traangas uit elkaar gejaagd.

Hillie Molenaar maakte ook documentaires. Die zich minder ver van ons afspelen dan het lijkt. En dit weekend is er in Assen nog veel meer moois te zien. De 36e editie van het Internationale filmfestival heeft een gevarieerd programma van zestig films. Over vrouwen. Met vrouwen. Door vrouwen. Van vrouwen. Zoals de debuterende Leyla Bouzid en de onlangs overleden Chantal Akerman.

Want weet u.
De kostbaarheden van vrouwen gaan verder dan wat er tussen hun benen zit.
Veel verder.