zondag 19 januari 2014

Glad ijs

Waar? waar dan? Nee, lieve lezers, niet hier, maar in Iran. Geen winterspelen aldaar -zo ver zijn we nog lang niet-, het betreft hier figuurlijke gladheid, een proefballonnetje, een niet getoetste theorie waarmee ik mogelijk tegen zere benen schop.

Toch meen ik enig recht van spreken te hebben. Met aardig wat Iraniërs in mijn omgeving. Dat vond ook de Iraanse radioverslaggever hier ter stede, die mij eens opbelde om zijn landgenoten te mobiliseren. Om op de Groningse Grote markt steun te betuigen aan de toenmalige groene beweging van Mousavi. Die is inmiddels alweer uit ons collectieve geheugen verdwenen. Misschien dat alleen Neda nog een vaag bloederig beeld achterliet.

Iran kwam de laatste jaren minder frequent in het nieuws. Soms blaften er nog een paar fanatieke alfamannetjes, maar van marineschepen die grommend posities innamen in de Perzische golf, hoorde je steeds minder. Achter de schermen zullen diplomaten vast hard hebben gewerkt. Inmiddels zijn we vijf jaar en een verkiezingsronde verder en worden de sancties tegen Iran versoepeld, of zelfs opgeheven.

Nu verschijnen er berichten over buitenlandse bedrijven die ongeduldig staan te trappelen om te investeren in de islamitische republiek. Vanuit Iran zelf klinkt de roep om goederen waar het meest behoefte aan is: vliegtuigonderdelen en medicijnen.

'Vliegtuigonderdelen' roept vooral associaties op met 'handel'. Maar wie 'gebrek aan medicijnen' leest, heeft eerder een beeld van stikkende astmatici en wegkwijnende kankerpatiënten. Anders gezegd, een behoefte aan pillen kan rekenen op meer compassie op dan dat een beeld van gebrekkige vliegtuigen dat doet.


Iran is een jong land (hun vergrijzing komt pas over dertig jaar). Vergeleken met Afghanistan kent het een hoge mate van alfabetisering. In tegenstelling tot bijvoorbeeld Saoedi-Arabië, mogen vrouwen er achter het stuur. Ze gaan zelfs in grote getale naar de universiteit. Vrouwen mogen veel ook niet. Toch heb ik heb met eigen ogen gezien dat Iran, zoals men dat noemt, een 'modern' land is. Hun cultuur lijkt in veel opzichten op die van sommige Europese landen.
Behalve dat de taal (anders dan het Arabisch) tot dezelfde Indo-Europese familie behoort, lijkt hun keuken op de Griekse, en hun bijna maniakale preoccupatie met hun uiterlijk op die van Italianen. En, - en nu komt het gladde ijs- Iran lijkt qua medicijngebruik op Italië, maar ook op landen als bijvoorbeeld Frankrijk en Duitsland.


In Frankrijk ben ik altijd weer verbaasd over de veelheid aan flikkerende groene 'Pharmacie' kruizen. Naast de kroeg en de kerk heeft elk dorp toch tenminste een apotheek. Mijn nichtje van twee kreeg van een Franse arts eens valium voorgeschreven (naast nog een zak pillen en drankjes 'voor het geval dat'). Ook in Duitsland behoren medicijnen tot de eerste levensbehoeften.
Toen mijn zus op haar werkvakantie in Italië haar migraineaanval rustig afwachtte in een verduisterd tentje, konden de Italianen daar met hun verstand niet bij. Het was nog tot daar aan toe dat ze geen arts wilde zien, maar ze moest toch op zijn minst iets slikken (dat ze zelfs geen slok water binnenhield, bewees voor hen slechts de ernst van haar toestand). Een algehele bodyscan is er de gewoonste zaak van de wereld.   

In Iran is het niet veel anders. Wie iets heeft, slikt daar iets tegen. Antibioticum is er vrij verkrijgbaar. Als maatschappelijk werker onder vluchtelingen ken ik de verhalen over 'bewezen discriminatie'. Ik legde dan uit dat ook aan mij, als Hollandse tante, adviezen als 'drink thee' en 'neem rust', werden gegeven. Dat penicilline bij hoofdpijn of corticosteroïden bij rugpijn niet standaard worden voorgeschreven. Ongeloof viel mij vaak ten deel.

Iran staat bekend als het land waar de meeste neusoperaties ter wereld worden uitgevoerd. Niet alleen Iraanse vrouwen laten dit massaal doen, ook uit het buitenland komen mensen hun neus laten fatsoeneren. Artsen schijnen er ervaren in te zijn, en het is goedkoop. Met bovenstaande informatie kan ik niet anders dan sceptisch worden, als het journaal meldt dat er vooral een tekort is aan middelen die nodig zijn bij een operatie. Dan zit er volgens mij iets scheef. En dat zijn niet de Iraanse neuzen.


Iran heeft geen pillen nodig
of neuscorrecties
maar lucht
en vrijheid.





































En nu maar hopen dat ik niet tegen te veel zere benen heb geschopt.

maandag 13 januari 2014

Zin om zeshonderdzeventig euro per uur te verdienen?

Dat kan! Geen loterij, vage belegging of iets met een raam. Of nee, dat lieg ik, het is wel iets met een raam. Maar het gaat om zo'n pietepeuterig klein kutraampje, dat er nog geen kat fatsoenlijk achter zou kunnen plaatsnemen. Het gaat hier om het plaatsen van ramen. Niet mijn bedrijfstak, hoewel ik het wel overwoog, toen ik de gelikte bus zag waar meneer de glaszetter in reed, maar daar kun je dus bovengenoemd bedrag mee opstrijken. Dat je het weet.

Hoe? Stel: u heeft een auto, een kind, een huis, een bedrijf. Daar kan of moet van alles aan verzekerd worden. Omdat dat verplicht is, of omdat je dat verstandig vindt. En als er iets mee is, je anderen er iets mee aandoet of, in mijn geval, als anderen mij iets aandoen, dan vraag je geld aan die  verzekeraar.

Wat ik dus braaf deed. Na de inbraak waar ik in een vorig logje over schreef. Toen ik kinderleed erger vond. Nog steeds natuurlijk, maar daarom hoeft er nog niemand rijk te worden van mijn kapotte raampje. En, wet van Murphy of zo, binnen een maand werd er opnieuw ingebroken. Maar daar later meer over. Of niet.

Het eerste raampje liet ik maken. Bij een bedrijf dat bij mijn verzekeraar is aangesloten. Eerst noodraampje, daarna goede ruit. De man had een vlotte babbel, serveerde slappe koffie en zei tegen zijn zoontje dat ie de glasrestjes moest opzuigen en het snoer van de stofzuiger moest oprollen.  So far so good. Eigen risico was honderd euro. Tom tom was ook al weg. Zuur geld. Niks aan te doen.

Maar het tweede ruitje werd niet door een 'erkend' bedrijf geplaatst. Dus geen... god, hoe heten die mensen met die irritante reclame ook al weer, die ook al eens de mededingingsautoriteit aan hun broek gekregen. Wat toch ongegrond bleek. Zodat -if you can't beat them, join them- de voormalige concurrenten hun handen ineen sloegen. Afijn, de tweede keer werd de ruit door geen van deze beide bedrijven geplaatst, maar door een onafhankelijke glaszetter.

Ook dit kostte honderd euro. Weer zuur geld. Weer niks aan te doen. Maar de man zei ook, terwijl hij het raampje plaatste, dat die honderd euro de gehele prijs betrof. Hij ging niks meer declareren.

Dus toen ik vandaag voor het doorgeven van verhuizing (jaha!) de verzekeraar belde en voor de gein informeerde wat die eerste glaszetter voor rekening bij hen had ingediend, was ik nogal verbaasd toen ik het bedrag hoorde.
Tweehondervierendertig euro en zesenzeventig cent.
Bovenop mij eigen bijdrage. Hij is hooguit tien minuten bezig geweest. Ok, maak er een half uur van -de koffie moest ook nog afkoelen- dan is dat bijna zeshonderdzeventig euro per uur!


Dat vind ik wel erg makkelijk verdiend.

Maar, je krijgt er ook wat voor, vinden ze zelf:  
'Zo vindt de klant na vervanging van een kapotte ruit bijvoorbeeld een auto die van binnen geheel is schoongemaakt, inclusief alle ruiten' en 'Het zijn met name de kleinere glasreparateurs die de branche een slechte naam bezorgen.

Ook een verzekeringpief is in zijn nopjes, volgens hem: 'Bedraagt het verschil in prijs tussen autoruiten van Carglass en Autotaalglas enerzijds en de reguliere handel anderzijds vaak 'enkele honderden guldens'. 
Dat klopt.

'De gepeperde rekening gaat vervolgens naar de autoverzekeraar en vaak brengen ze ook nog onterecht toeslagen in rekening.'
Wie is de 'ze' is dit verhaal?

'Wat die mensen zich niet realiseren is dat wij verzekeraars daarvoor de rekening krijgen en het derhalve wordt doorberekend in hun premie.'
Dat dacht ik nou ook.