dinsdag 22 november 2016

Zwartkijken

In praatprogramma's wordt ons regelmatig verteld dat een zwarte knecht niet meer van deze tijd is. Hoeveel we ook houden van de Zwarte man. Maar er is goed nieuws voor de laatste believers van blackface! Want waar je ook kijkt, overal wordt onze traditionele kijk op gekleurde mensen bevestigd. Niet omdat de Hema nu opeens weer chocoladeslaafjes in het schap heeft. Wel door op tv en in de krant ons de verhevenheid van het blanke ras voor te schotelen. Met daaraan gekoppeld de rol die de zwarte bevolking zich laat aanmeten.

Mijn jongste zoon ziet Zwarte Piet graag blijven. Ik vermoed omdat zijn klasgenootjes dezelfde mening zijn toegedaan. En ik begrijp best dat je als brugpieper maar één echte zorg hebt: Niet afwijken. Wie in een groep functioneert, voegt zich naar de geldende norm. Dat geldt niet alleen voor brugpiepers.

Kees' (12) argument is dat Sint de kinderen heeft bevrijd uit hun slavernij. Dat het dus iets goeds was, iets positiefs. Het idee dat de witte (man) de redder is en de Pieten daarmee tot gelukkige, bevrijde slaven maakt is een fijne gedachte. Het geeft houvast. Het maakt de wereld voorspelbaar en veilig. Het is precies dat veilige gevoel dat het op de buis goed doet. 

Zo vraagt presentator Krabbé bij 'The Voice of Holland' aan de gekleurde zangeres, die in Los Angeles woont, om een nadere verklaring omtrent haar huidskleur. Nee, dat vraagt hij natuurlijk niet zó. Eerst wordt haar blanke zus in beeld gebracht (zoek de verschillen) en dan Krabbé die met een grote glimlach en opgetrokken wenkbrauwen zegt: 'Sprekend!' en 'Leg eens uit' (Ha, fijn!, wij vroegen ons als kijker ook al af hoe dat zat. De gedachte dat de zangeres van negenentwintig zich vast al ettelijke keren heeft moeten 'verantwoorden' voor haar huidskleur, maakt van mij waarschijnlijk een oude zeur. Een spelbreker.)

Stralend vertelt ze dan hoe ze als baby'tje (Aaaah, zwarte baby's zijn lííef) bij een fantastisch gezin mocht (!) wonen. Ze doet er nog een schepje bovenop door te vertellen hoe blij ze is om in Nederland Hollandse pot te kunnen eten. Want dat heb je niet in Amerika. (Geen woord over wat ze daar doet. Blijkbaar is boerenkool relevanter voor haar zangcarrière dan haar baan). Dan volgt het beeld waarbij ze, met het bord op schoot. de moeder prijst over hoe goed die altijd voor haar is. Het plaatje is bijna compleet: Zielig zwart kindje, lieve (kokende) moeder en dankbaarheid als volwassen vrouw. Ik voel ook mijn eigen mondhoeken omhoog krullen. Een betere inleiding van het weekend bestaat niet.

Na haar auditie neemt ze de loftuitingen op haar uiterlijk van de blanke jury in ontvangst. (Nee mensen, ik ga géén parallellen trekken met de wereld van vóór 1863, Want het wankele lijntje dat ik met u als kritisch lezer heb opgebouwd, wil ik niet kwijt). Jurylid  Ali B. vraagt haar om nóg iets te zingen. Want met Justin Biebers' 'Love yourself', was ze niet op haar best. Na het soulnummer klinkt een daverend applaus. Volgens Ali past dit nummer beter bij haar.

Voordat we te zien krijgen wie ze als zangcoach kiest, komt er nog een blokje ster. In één spotje wordt vier keer achter elkaar 'Afrika' genoemd. Afgewisseld met woorden als 'diarree' en 'dood'.  Het is me niet duidelijk of ik als kijker wordt verleid tot het kopen van een lot en daarmee het fijne gevoel krijg dat ik 'arme zwartjes' help (ik doe het heus niet voor dat miljoen) of dat er, met de kerstdagen voor de deur, een direct appel op mijn portemonnee wordt gedaan. Wél weet ik dat binnen een paar seconden het beeld van een ziek continent is neergezet. Waarom zie ik nooit een oproep voor steun aan een onderzoek naar kanker op een universiteit in Kenia? Of, nog gekker, om je voor zo'n onderzoek als proefpersoon aan te melden? Maar dat zou vast de wereld op kop zijn zetten. We kunnen in de wetenschap toch moeilijk worden voorbijgestreefd door die achterlijke zwartjes! Dat druist in tegen ons wereldbeeld. Waar we zaken het liefst zo houden zoals we denken dat het is. Lang leve de traditie.

Het nieuws dan? Dat brengt toch objectief de werkelijkheid in beeld? Over een item over chocola hoor ik dat fairtrade chocola nooit echt eerlijk kan zijn. In de minireportage krijgen we bezwete koppies in beeld. De voice-over vertelt dat deze jongens 'ingestudeerde antwoorden' omtrent hun leeftijd. Een donkere jongen kapt zwijgend verder met zijn machete. Een kind dat moet werken. Het is wat. 

Mijn gedrukte krant (Trouw) doet qua beeldvorming ook een duit in het zakje. Op Obama na, zie ik vooral foto's van witte mannen op leeftijd op hoge functies. Op pagina twaalf van de bijlage staat een foto van een man met ontbloot bovenlijf. Van achteren gekiekt. Met opgeheven armen sjouwt hij een zware plank uit het bos (!). De zon laat zijn gespierde bovenarmen goed uitkomen. U mag raden naar zijn huidskleur. De tekst van het artikel luidt: 'Fout met hout uit Kameroen'.


Hoopvol werp ik maandag een blik in de NRC. Naast een naamloze zwarte man -Één op de zes hardlopers raakt oververhit-, bevat alleen de cultuurpagina wat kleur. Bij het stelletje dat 'wereldfilms' aan de man brengt zien we van hem zijn mooie billen. De vrouw ernaast draagt een rokje van raffia. En in het artikel over de kunstbeurs neemt men de term 'beeldvorming' wel héél letterlijk. (zie foto). De ontbrekende voorkant van het halfnaakte filmstelletje wordt hier in één Afrikaans kunstwerk gevat.

-------------------
Ik houd mijn zoon of andere voorstanders van Zwarte Piet niet verantwoordelijk voor de slavernij. Wel lijkt het me zinvol om eens stil te staan bij de tijd die voorafging aan de afschaffing hiervan. Iets met tradities. Hieronder een aantal anekdotes uit die tijd. Er is meer over te lezen in de biografie van koning Willem III. Redder van de Slaven.

'Ook petities tegen de slavernij laat de koning voor zover bekend onbeantwoord, terwijl de discussie over het onderwerp levendiger wordt.'

'Het regent preken van de kansel en voorstellen over de beëindiging van de slavernij.'

'De commissie gaat behoedzaam te werk. Te behoedzaam, vindt Groen. Dit leidt tot ‘eene emancipatie die over duizend jaren welligt tot stand’ zal komen, roept hij gefrustreerd. Hij stapt op.' 

'De aard van de zwarte bevolking maakt het volgens het kabinet nodig hen ‘te behandelen als onmondigen, die raad, leiding en ondersteuning noodig hebben van hunnen voogd’.'

'Missionarissen en zendelingen gaan na de aankondiging van de afschaffing van de slavernij massaal aan het werk om hun kudde liedjes te leren waarin ze hun blijdschap projecteren op de figuur van de koning, ver weg in het onbekende Nederland. Een mythe is geboren, over een vaderlijke vorst die in al zijn goedheid besloten heeft de ketenen van de slaven te verbreken. De mythe blijkt onuitroeibaar.' 


Ik wens iedereen een fijne pakjesavond.

zondag 6 november 2016

Zjuh swie an pan (2)

(deel 1)

De inmiddels in Nice gelande familieleden waren ook druk in de weer. Niet met 'zjuh swie an pan' maar met een koffer die een vlucht miste, (waar onder meer een lekkend flesje home-made pesto in zat) en een huurauto die niet op slot kon. Daar kon dit zusje dat om middernacht met haar kinders en zwerverstassen van een station moest worden gered, ook nog wel bij. Gelukkig spreekt mijn zus zes talen. Dat scheelt.

Maar inmiddels wisten de ouders wél dat deze dochter panne had. En dat bezorgde onze rechtgeaarde moeder natuurlijk de nodige ongerustheid. Geen nood. Het verhoogde onbedoeld de ontvoeringsstress. Part of the game.

In Nice waren we nagenoeg de laatsten in de wagon. (Treinstel... voiture, you name it). Op een paar opgetutte Senegalese meiden na. Mijn haar leek na zes uur treinen op dat van Ma Flodder. Zij droegen keurige hoofddoeken over al even keurige kapsels. Ze lachten en zongen mee met Youssou N'dour. De laatste 'seven seconds' swingden we met ons drieën de trein uit; "Des amis pour parler de leur peine, de leur joie. Pour qu'ils leur filent des infos qui ne divisent pas. Changer"

In de Provence was er Berlijnse pesto en Gronings brood. De oude heer mocht zich, onder het genot van één sigaar per dag, bezighouden met zijn wordfeud-verslaving. Moeders zocht haar toevlucht tot echt papier en verdiepte zich in de historie van de Noormannen. Vrij wandelen was toegestaan. Mits goed begeleid door ons ervaren kaartlezers. Bloot zwemmen in het ijskoude water werd, gezien hun leeftijd, sterk afgeraden. Oma zat zelfs een vreselijke film uit (alles voor de kleinkinders). Maar een aquarel maken in het veilig omheinde bos vond de vader fijn. Zie hier het resultaat.

Na een week met schranzen, lezen en debatteren, vlogen vier familieleden weer uit. Via Nice naar Amsterdam en Berlijn. Inclusief hun knoflookkoffer. Wij, de drie ramptoeristen, treinden via Parijs en Brussel in elf uur terug naar Groningen. Daar kon geen klusbus tegenop.

Die was trouwens nog niet gearriveerd. Dus misten we twee fietsen, een deel van mijn gereedschap, de peper, mijn bergschoenen, lakens, handdoeken, koffie, de laatste tuinoogst en nog honderd dingen meer.

Gister haalden we alles op.
De bus zelf stond nog op de brug.
Op de druiven en tomaten stond schimmel.
Ik had gewoon moeten blijven schrijven.
Dan mis je ook je bus niet.
Maar de ontvoering was geslaagd.
En de ouders lijden nu aan het Stockholmsyndroom.



vrijdag 4 november 2016

Zjuh swie an pan (1)

Ik had een goed kwartaal gedraaid. Ook de aangifte omzetbelasting was tijdig de deur uit. Het huis op orde, laatste rekeningen gemaild en zelfs mijn klusbus was voor een laatste check langs de garage gegaan. ('Ik zou niet weten waarom je met deze auto niet op vakantie zou kunnen'), Achterin laadde ik netjes twee fietsen, kratten met de speciaal voor ons gebakken broden, koffie, thee, suiker, kruiden, lakens en handdoeken voor zeven mensen en nog honderd dingen meer. De geplande ontvoering van onze ouders naar la douce France kon beginnen.

En toen mijn zus uit Berlijn met haar dochter in het vliegtuig naar Schiphol zat, was ik met mijn eigen kinders al driehonderd kilometer zuidwaarts in het Vlaamse land. Alwaar we overnachtten bij onze geliefde Olijf. En toen zuslief later met de aangehaakte ouders uit Amsterdam naar Nice vloog, reden wij vrolijk over de Franse autoroute. We dachten aan hoe vier familieleden ons al vliegend inhaalden en zongen mee met Maitre Gims' "Laisse moi partir loin dici".  

'So far so good'. Of, beter gezegd: 'Jusqu'ici tout va bien. 

Toen was er dat rare geluid.
Vlak bij een péage,
Waarna er gelukkig een P was.

De ANWB begreep na wat heen en weer gepraat dat ik langs de snelweg stond. Alwaar ze me niet mochten helpen. Want daar zwaaiden de Fransen de scepter. Waarna er een sms volgde met instructies wat ik in het grote roze oor moest zeggen: 'Zjuh swie an pan. Poeri-jee voe- man-vwa-jee uun dee-paa-neuz'  (vrij vertaald: 'Iek eb peg, kunt u maai un mannetju sturuh' )

Motor stuk. Bergbedrijf. Online trein zoeken. Vite vite, jongens, graai snel wat spullen bij elkaar! (maar filmpjes maken op de vrachtauto waar juist de bus op stond is veel leuker). Dus reduceerde ik zelf de de busvoorraad tot iets draagbaars waarmee we met ons drieën enigszins door de als een guillotine dichtklappende metropoortjes van Parijs pasten. Ja ja, want ongeacht waar je in Frankrijk strandt, of heen wilt. Over Parijs zúl je! Alwaar je van het ene naar het andere station moet per metro, taxi of RER. Om ergens met het openbaar vervoer in Frankrijk te komen moet je altijd dwars door Parijs.

De nood van de clochards op metrostation Bastille moest door zoon Frans (15) natuurlijk ook terstond worden gelenigd. Kees (12) balen: 'Nu hebben we straks niks te eten.' Maar de voedselbankactie van Frans verlichtte onze bagage gelukkig wel. Er volgden nog een kapotte kaartjesautomaat en een klemgeklapte rolkoffer (reistip: Draag die krengen altijd vóór je, anders riskeer je een arm-amputatie) maar toen zoefden we met tassen vol lakens (maar zonder jas), mét pepernoten, (maar zonder koffie) met driehonderd kilometer per uur naar de Mediteranée.
Hoezee!














vervolg









zondag 9 oktober 2016

Er is een lezer overleden (2)

(deel 1)

Selma Schepel kon als geen ander haar kennis van oude talen en beschavingen linken aan het hier en nu. Niet om duur te doen, maar om te begrijpen en begrijpelijk te maken. Het zijn met recht 'bijdragen tot de oplossing van het 'Weetnietbetersyndroom'. Met  een haast oneindige verscheidenheid.

Bij een verhaal over jongensbesnijdenis putte ze niet alleen uit de geschiedenis van duizenden jaren terug ('Nu hoeven we Herodotus niet altijd te geloven, hij had veel fantasie') maar haalt ze ook recentere bronnen uit de eerste hand aan: 'De eigenaar zag mijn teleurgestelde grimas aan voor een verlekkerde blik en sprak voldaan: ‘Ja, vrouwen vinden het maar wat leuk dat m’n eikel zo goed te zien is’. Die liefde was dus snel dood.'
Of wat te denken van het verhaal van een Somalische die in Helsinki op de lokale VVD lijst staat om dan via het Turks en Nederlands uit de komen bij een pan soep in zeven Finse naamvallen. 
Ze schreef over kastanjes, Rusland, taal en tandpasta. Door dit laatste heeft ze nog dagelijks invloed op mijn kinderen: plastic tandpasta komt er hier niet in. 
Bij een scheidend paus haalde Selma er drie profeten en een Sumerische koning bij. Bij de reacties ontspon zich een gesprek tussen twee lezeressen over het absurde maar o zo prachtige Italië. Eén van hen woont er met haar gezin, de ander -ik- keerde al twintig jaar geleden terug naar Nederland. 

Selma antwoordde: 
"Ik heb me tranen gelachen om jullie toch ook erg treurige verslagen. Zulke verhalen moeten eigenlijk in de krant. Hoewel, die wordt minder en minder gelezen. Dan in blogs met heeel veel exposure, Allemaal informatie over leven in Italië die mij onbekend was. Hoe absurd ook, het land wordt aantrekkelijker en aantrekkelijker voor me. Misschien ook wel een beetje omdat de dorheid, humorloosheid, lafheid en afknijperij van Nederland me de strot uitkomt. Gelukkig woon ik helemaal aan het uiterste randje van dit land: ik val er bijna af! Nogmaals bedankt voor jullie zeer aan mij bestede, hilarisch/droevige reacties."

Ook voor mij blijft dat absurde land aantrekkelijk. Ik ga er heen. Om te schrijven. Serieus te schrijven. Over een andere bijzondere vrouw. Die afstamt van Ieren, Fransen en Indianen. Zelf belandde ze vanuit Argentinië via Spanje in Italië. Waar ik mezelf ga opsluiten. In het huis van haar onlangs overleden schoonmoeder. 
Sterker nog, als u dit leest, ben ik daar al. 

Lieve Selma, dank je wel voor de moed die je me gaf. 
Ik zal blijven schrijven. Ook je andere advies zal ik in praktijk blijven brengen: 

Praten met de buren, koken voor vrienden, lief zijn voor geliefden. 



zaterdag 8 oktober 2016

Er is een lezer overleden (1)

Het idee om haar als lezer aan te duiden is wellicht wat aanmatigend. Want ze was in de eerste plaats schrijfster, scheepskok, spijkerschriftdeskundige, moeder, vriendin, musicus en nog heel veel meer.

Om eerlijk te zijn, haar uitbundige lach, heb ik bij haar moeten fantaseren. Want ik kende haar alleen online. Zo ook Zilvertje, die tot haar spijt pas een dag later hoorde van Selma's noodlottige val. Ik zelf las het tien maanden later. En schaam me een beetje. Maar misschien moet het een troost zijn. En blijk ik toch minder verslaafd aan internet dan ik soms vrees. Of, zoals Selma zelf het in één van haar laatste logjes schreef:

"Mijn blog staat al een tijdje stil.
Niet omdat ik dood ben, maar omdat ik meer en meer wil leven in het echte leven. 
Zoals voorheen. Zoals sinds mensenheugenis.
Dat is: praten met de buren, koken voor vrienden, lief zijn voor geliefden.
Zonder elektronica. Gewoon, gezellig. 
Het zou een slogan kunnen zijn van een reclamebureau:
Nieuw! Menselijk contact! Echt zijn. Probeer het ook eens." 

Dat zou er van komen. Dat contact. Ze mailde me een uitnodiging om met mijn jongens langs te komen in IJmuiden:
"Gelukkig hebben we op het Forteiland twee keer per jaar vrij bezoek voor familie en vrienden van vrijwilligers, dus dan kom je toch in oktober? Ik houd je op de hoogte. Leuk om je dan te ontmoeten. Je bent een van de weinige geesten op de diverse blogs door wie ik nogal een beetje veel geïmponeerd ben, eigenlijk."

Groetjes, Selma 

Dat laatste maakte indruk op me. Vooral omdat zij zelf columnist was bij Trouw, voor Opzij had geschreven en voor de bibliotheek voor de Nederlandse letteren. (De goden hebben hun getal)

Was het mijn schrijfstijl? doelde ze op de inhoud? of beide? En zou 'imponeren' wel positief bedoeld zijn? Ik weet het niet. En kan het niet meer vragen. Selma Schepel overleed op 22 november 2015, na een fietsbotsing. Ze werd zesenzestig jaar oud. Vijfenvijftig jaar eerder overleed Selma's eigen moeder op haar zevenenveertigste, bij een autobotsing. Hier schrijft ze het indrukwekkende verhaal van haar moeder. Die via Japan, Michigan en Finland in Hilversum terecht kwam.

............deel 2 ...............

dinsdag 27 september 2016

Listen to me

Er belt iemand. Niet met mij. Iemand die Engels spreekt. Een man. Geen Engelsman. Ik kan hem niet zien. Maar hoor wel wat hij verdient. Hij zegt vierhonderd euro per maand op te sturen, een kwart van zijn maandsalaris.  'Listen... listen to me, I'm not finished yet....'

Aan het geluid te horen ijsbeert hij op en neer in een tuin verderop. De mensen aan wie hij het geld stuurt zouden een huis bouwen. Waarin ze al zijn gaan wonen. Wat hij onverstandig vindt. Want er is iets met de eerste verdieping. Die ook nog niet 'finished yet' is. And did they told you that he will get een kamer helemaal for himself? Waar hij kan gamen?

Kennelijk is het opsturen van geld voor het bouwen van het huis ook een investering in zijn eigen toekomst. Maar het is 'Not enough', Not en-nough!!!.... I told you!!! Listen to me!! 

Probeert hij de ander nu te vermurwen om óók geld te sturen? Is het zijn zus? of broer? Dat laatste lijkt me onwaarschijnlijk. Veel mannen vinden het onverteerbaar om 'luister naar me' te horen te krijgen. Ze zullen het vast ook niet snel zelf tegen een andere man gebruiken.

Intussen meet en zaag ik nieuwe stukken hout voor de verrotte dorpel en zijstijlen van een kozijn. Op mijn knieën. Een oudere man uit een andere tuin kijkt op me neer. "Je hebt er wel mooi gereedschap bij." Hij leunt met zijn armen over elkaar over de lage schutting. Ik begin een babbeltje met hem over de Engelsman die niet Engels is. En boos blijft. Over 'Honey Listen', zoals zijn gesprekspartner nu wordt aangeduid. De oude buurman zegt niks terug. Hij laat wel veel scheten. En een boer. 

Ik lijm de stijlen vast en zet er klemmen op.
De Engelsman is uitgepraat.
Of het huis in Marokko, op Sumatra of in Etten-Leur wordt gebouwd weet ik niet. 
Wel weet ik dat de oude buurman doof is.
Zo hoor ik later van de mensen voor wie ik werk.